De Schotse Hooglander

Stal Ravenhorst is voortgekomen uit een uit de hand gelopen hobby van Harm Ravenhorst. Eind jaren ’80 schafte hij als een van de eersten in het Vechtdal een aantal Schotse Hooglanders aan. In 2012 namen Gert-Jan en Herma Mulder de zorg voor de Hooglanders van (schoon)vader Harm over. Aan Harm Ravenhorst heeft Stal Ravenhorst haar naam ontleend.
Stal Ravenhorst houdt zich voornamelijk bezig met het begrazen van natuurgebieden en graslanden in het Vechtdal. Doordat de kudde zich door de jaren heen heeft vermeerderd, heeft de consumptie en de verkoop van natuurvlees van het Schotse Hoogland rund een plek gekregen.

De Schotse Hooglander: een lange geschiedenis

Na de laatste ijstijd (11.000 v.Chr.) ontstond de neolithische revolutie (jagers werden boeren). Eerst in het Verre Oosten en daarna verplaatste het zich verder naar het westen (Europa)  Hoewel het Neolithicum in de Benelux al ca. 5500 v. Chr. begonnen was, duurde het nog tot ca. 3700 v. Chr. voordat het neolithicum op de Britse eilanden begon. De bevolking ging zich vestigen in kleine nederzettingen, mensen gingen graan en vruchten verbouwen die meegebracht werden door pioniers vanaf het “vasteland”. Nog later begon men ook aan veeteelt. Na de laatste ijstijd steeg de temperatuur vrij snel waardoor de gletsjers smolten en de zeespiegel ging stijgen.  De runderen die zich tijdens het “vollopen” van de Noordzee hadden afgesplitst van het vaste land, vestigden zich in de hooglanden en westelijke eilanden van Schotland en pasten zich aan, aan de weersomstandigheden aldaar. Zo had je in de Hooglanden minder voedsel, en waren de weersomstandigheden koud en nat. Hierdoor ontwikkelde het rund een lange en dikke vacht tegen de kou. Door het schrale voedselaanbod werd het rund kleiner dan het oorspronkelijke rund (de Bos primigenius) of wel het oerrund.

Omdat ze zich moesten verdedigen tegen belagers op de kale vlakten (wolven en soortgenoten) bleven de horens goed ontwikkeld. Archeologen hebben botresten gevonden van Hooglanders die terug gaan tot de 6e eeuw na het begin van onze jaartelling. Schriftelijke bewijzen dateren van ongeveer de 12e eeuw na Chr.

Voor de neolithische revolutie joeg men voornamelijk op wilde dieren om zo aan de behoefte aan vlees te voorzien. Toen de kuddes wilde dieren geleidelijk aan begonnen te verdwijnen door de groei van de bevolking, begon men ter compensatie aan veeteelt te doen met de domesticatie van schapen, geiten, runderen en varkens, Een aantal wilde runderen werd gevangen en gehouden als huisdieren om aan de vraag van vlees en melk te kunnen blijven voldoen.

In 1885 toen het Schotse hoogland rund als eerste ras ingeschreven werd in een stamboek sprak men over twee typen hoogland runderen (allebei inmiddels uitgestorven} die veel op elkaar leken, namelijk het type van de westelijke Schotse eilanden, dat zwart tot donkergrijsbruin was en Kyloe of Black Cattle werd genoemd. Dit soort had lange haren en grote horens en was door het schrale voedsel aanbod iets kleiner dan de meer variabel gekleurde “Mainland Highlander” die wit, geel , rood tot roodbruin waren, met soms smalle zwarte strepen over de breedte van het lichaam zgn. “tijgerstrepen”. Sommige exemplaren van dit type waren ook egaal zwart.

Dit type Mainland Highlander was iets groter doordat het voedsel aanbod in de Highlands rijker en gevarieerder was. De twee soorten zijn in de loop der tijd vermengd en zo ontstond het rund zoals we dat nu kennen. Dit soort kennen we tegenwoordig als het Hoogland rund of Schotse Hooglander.

In de herfst werden de kuddes vanuit de Highlands de dalen ingedreven, waar ze geselecteerd werden en de jongen gebrandmerkt. Kuddes van vele honderden runderen werden op de diverse veemarkten verhandeld en verkocht. Inverness had in die tijd een van de grootste en belangrijkste veemarkt van Schotland. Van hieruit werden ze weer opgedreven. Soms zelfs tot aan Londen toe. Hier werden ze dan weer vet gemest en daarna geslacht. Stel je een Western-film voor, met cowboys rijdend over de prairie met kuddes koeien, dan heb je een idee hoe dat er toen aan toe ging.

Rond 1860 zijn de eerste runderen geëxporteerd naar de VS. En later naar Australië. Hier hebben ze een grote invloed gehad in de vlees industrie in deze landen. De schotse hooglander werd gekruist met andere rassen om meer vlees te verkrijgen.
Doordat de Hooglander door de eeuwen een natuurlijk selectie heeft gekend is dit rund resistent tegen veel koeien ziekten. Ook de lange wimpers en lange haarlokken beschermen hun ogen tegen vliegende insecten, en als gevolg daarvan, zijn oogziektes zeer zeldzaam.
Door zijn dikke vacht heeft het Hoogland rund veel minder onderhuids vet dan andere rundersoorten. Waar bij de andere soorten het onderhuidse vet nodig hebben om zichzelf warm te houden, heeft de hooglander een dikke vacht. Het vet bij de hooglander zit in het vlees waardoor je het welbekende gemarmerde vlees krijgt.
De melk van de schotse hooglander is in verhouding met andere rundersoorten zeer vetrijk en was hierdoor vroeger zeer gewild om roomboter van te maken.

In Natuur Museum Natura Docet in Denekamp hangt een hoorn van een oerrund.  Deze is gevonden in Kloosterhaar. Tegenwoordig lopen er in Engbertdijksvenen en Calduran Kloosterhaar nakomelingen van dit rund namelijk het Schots Hoogland Rund. Zo is de cirkel is weer rond…….

 

 

De Hooglander en het vlees

Het vlees van een Schotse Hoogland Rund is primair gelijk aan dat van andere oudere runderrassen. Maar wat dit rund zo uniek maakt is de structuur en de smaak van het vlees.

Enkele kenmerken:
  • Het vlees is doorregen, dat wil zeggen dat er kleine vetaderen door het vlees lopen. Dit geeft de unieke smaak aan het vlees.
  • Doordat het losloopt in natuurgebieden en zijn voedsel moet zoeken, heeft dit rund meer spierontwikkeling en is het vlees compacter van structuur. Door de verscheidenheid aan vegetatie (kruiden, grassen, bladeren) krijgt het vlees een karakteristieke wild smaak.
  • In bladeren en andere groene gewassen zitten veel omega 3-vetzuren. Hiervan is aangetoond dat deze cholesterol verlagend werken. De omega 3-vetzuren worden opgeslagen in het vlees van het rund. In een stuk Hooglander vlees uit natuurgebieden zitten dan ook 4 tot 6 keer meer omega 3-vetzuren dan in ander rundvlees.
  • Omdat de runderen resistent zijn tegen vele ziekten, is er geen preventieve medicatie noodzakelijk zoals antibiotica.
  • Het rund wordt niet ingespoten met groeihormonen of volgestopt met krachtvoer (mais en granen), maar moet het doen met wat het natuurgebied haar biedt. De runderen zijn door dit eetpatroon een aantal jaren later volgroeid, dus niet aantrekkelijk voor de rundveehouders die vlees fokken voor de supermarkten. Nog een bijkomende nadeel voor de rundveehouders is de grove botstructuur van de Schotse Hooglander. Hierdoor zal er in verhouding tot een gefokt vleesras meer bot en minder vlees afkomen.

 
(H)eerlijk puur natuur!

Het houden van Schotse Hooglanders ziet Gert-Jan dan ook als hobby, met voor hem als grootste pluspunt de natuurbeleving die je hebt met de runderen en tijdens de rondgang langs de runderen en de controle van de gebied.

Misschien nog wel een groter pluspunt is dat wanneer hij nu een stuk rundvlees op zijn bord heeft, hij precies weet wat hij eet: (h)eerlijk puur natuur, zonder preventieve antibiotica ‘s, zonder groeihormonen en met meer omega 3-vetzuren.

Runderen bij Stal Ravenhorst krijgen de tijd om volwassen te worden. Hierdoor kan het voor komen dat er bij veel vraag naar ons Natuurvlees er niet voldoende aanbod is. Wij vragen hiervoor dan ook uw begrip.

Doordat het vlees een natuurproduct is van runderen die grazen in natuurgebieden, kan het zijn dat er variatie ontstaat in het vlees qua smaak en structuur. Dit ontstaat door het eetpatroon van het desbetreffende rund. Dit gaat nooit ten koste van de kwaliteit van het vlees. U kunt het wellicht vergelijken met wijnen van verschillende wijnjaren.

Kijkt u hier voor de verkoop van onze producten!

Stal Ravenhorst
Van hobby naar verkoop: Stal Ravenhorst verkoopt natuurvlees van het Schotse Hoogland rund. (H)eerlijk natuurvlees van eigen bodem.
Contact

Adres
Rheezerweg 84
7795 DA DIFFELEN
info@stalravenhorst.nl

Telefoon
(0523) 250 515

Copyright © 2019 Stal Ravenhorst